Webdesign by Riesstyle.nl

Onderstaande tekst is geschreven door Heleen Offerhaus en verschenen in maart 2015 in het EchtscheidingsBulletin, tijdschrift voor familierechtadvocaten.

Ouders in vechtscheiding zien het licht

Gescheiden ouders, die na jarenlange strijd in beweging zijn gekomen om anders met de andere ouder om te gaan, kunnen zich vaak achteraf niet meer voorstellen wat hen heeft bezield. De spanning had veel invloed op het welzijn van de kinderen en op hun eigen gezondheid. Na deelname aan het project Kinderen uit de Knel is de kwaliteit van hun leven aanzienlijk verbeterd; het energielek is grotendeels gedicht. En het belangrijkste: de kinderen zitten weer lekker in hun vel. Wat kreeg deze ouders in beweging ?

 

Het Lorentzhuis en het Kinder -en Jeugdtraumacentrum in Haarlem verrichten met Kinderen uit de Knel baanbrekend werk om ouders na een complexe scheiding weer als ouders te laten functioneren. Als kind- en oudercoach begeleid ik gezinnen die met een scheiding te maken hebben. De unieke kans om mee te draaien in dit project greep ik direct aan.

 

Petje af voor de ouders die aan dit project beginnen. Zij gaan al langer gebukt onder de strijd met de andere ouder. Sommigen zien geen uitweg meer. Tegelijkertijd realiseren zij zich dat hun kinderen in de knel zitten. Moed is nodig om deze stap te kunnen zetten.

Kinderen uit de Knel is een groepsbehandeling voor zes gescheiden ouderkoppels  en hun kinderen. De kindergroep en de oudergroep vinden gelijktijdig plaats maar hebben elk hun eigen invulling.

 

De kindergroep richt zich op de kracht van de kinderen zelf en het vergroten van hun weerbaarheid. Door middel van creatieve activiteiten zoals film, theater, muziek, knutselen en tekenen, leren kinderen uiting te geven aan het thema ‘kind zijn van strijdende ouders’. Kinderen kunnen hierover spreken maar het hoeft niet. Door het spel wordt hun stem gehoord en hun kracht zichtbaar. Kinderen merken bovendien dat ze niet de enige zijn die in deze situatie zitten. Ze leren van elkaar en geven elkaar steun.

 

Zoals de naam al aangeeft, heeft dit project als doel om kinderen uit de knel te halen. Het doel van de oudergroep is dan ook om ouders beter te laten samenwerken bij de zorg voor hun kinderen. Ouders worden aan het werk gezet om het welzijn van de kinderen te verbeteren.

Ouders in een complexe scheiding zijn meer dan twee mensen die strijden; je hebt met twee gemeenschappen te maken. De netwerken van ouders worden bij de start van het project bij het traject betrokken en aan hen wordt met klem gevraagd de ouders te steunen en te helpen om de destructieve patronen te doorbreken.

 

Tussen ouders liggen veel onopgeloste zaken, die als een muur tussen hen in staan. Kleine issues zijn groot geworden. Het eigen aandeel in de strijd wordt vaak niet meer gezien. Ouders leren tijdens het project om de communicatiepatronen die ruzies in de hand werken en laten escaleren te herkennen, bij zichzelf en bij de ander. Het is de bedoeling deze destructieve manieren van communiceren te leren doorbreken en op een andere wijze met elkaar om te gaan.

 

Tijdens de oefeningen blijkt hoe moeilijk dat is. Ouders blijven elkaar verwijten maken. Bij de bespreking van kwesties tussen ouders worden zij door de andere ouders uit de groep geholpen om constructiever met de situatie om te gaan. Ouders die vastzitten in hun eigen patronen kunnen andere ouders prima adviseren. Het maakt dan duidelijk dat het vaak niet om de issue gaat maar om hoe ouders ten opzichte van elkaar staan en hoe ze met elkaar communiceren. 

 

Als twee ouders met elkaar een probleem bespreken, zitten de andere ouders op kinderstoeltjes en verplaatsen zich in het gevoel van een kind. Wat voel je als kind tijdens dit gesprek tussen je ouders ? Het maakt dat ouders gaan nadenken over wat hun gedrag doet met hun eigen kinderen. Ik hoor ouders in de rol van kinderen zeggen hoeveel pijn het hen doet, hoe het ze in verwarring brengt en ook dat ze de inhoud van het gesprek tussen hun ouders geneuzel vinden.

 

Naarmate het traject vordert, zie ik ouders minder ongemakkelijk in de groep zitten. Ik zie dat ouders inzien hoe de escalerende communicatiepatronen tussen hen zijn ingesleten, hoe groot de opgave is om het anders te doen. Ouders worden echter gestimuleerd door het besef dat ze het voor hun kinderen doen. Dit besef wordt nog groter als ouders de presentaties (bijvoorbeeld een tekening of een dans) van de kinderen zien waarin zij uitbeelden wat de spanning tussen hun ouders met hen doet.

 

De presentaties en oefeningen zetten een innerlijk proces in beweging dat het mogelijk maakt om te stoppen met het demoniseren van de andere ouder, om het eigen aandeel in de strijd te erkennen en daar wat mee te doen. Hoe moeilijk is het om in te zien dat boosheid en wrok naar de andere ouder toe averechts werken, dat door eigen gedrag de situatie van de kinderen negatief beïnvloed wordt. Door dit bewustzijnsproces kruip je uit de cocon waar je jaren inzat en verandert de interactie tussen alle gezinsleden.

 

Kindertherapeuten signaleren dat kinderen aan het einde van het traject weer ontspannen gedrag vertonen; er is opluchting te zien. Het zijn de kinderen die hun licht weer kunnen laten schijnen. Dat licht kunnen de ouders nu ook weer zien doordat de mist is opgetrokken.

‚Äč